Het Development Center for Maintenance of Composites (DCMC) gaat een nieuwe fase in met de goedkeuring van de OPZuid-financiering voor de oprichting van een Fieldlab in Woensdrecht, Nederland. Tijdens de Aviolanda Business Club bijeenkomst overhandigde gedeputeerde van de Provincie Noord-Brabant, Bert Pauli, de subsidietoekenning aan de oprichters GKN-Fokker, NLR, Airborne en TU-Delft. Het DCMC initieert en ondersteunt innovaties op het gebied van Maintenance, Repair and Overhaul van composiet (aero)constructies.

In maart 2016 werd het DCMC officieel gelanceerd en al snel volgde de subsidieaanvraag bij OPZuid, een Europees Innovatie programma voor Zuid-Nederland. Dit programma is gefinancierd door het Europees Fond voor Regionale Ontwikkeling, de Nederlandse overheid en de provincies Noord-Brabant, Zeeland en Limburg. Na uitgebreide evaluatie door een onafhankelijke raad eindigde het DCMC voorstel op nummer één en kreeg een totaal van 2.8 miljoen euro subsidie voor innovatie en onderzoek toegekend. Gedeputeerde Pauli reikte de subsidietoekenning uit tijdens de Aviolanda Business Club bijeenkomst, in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de overheid, onderzoekinstituten en de industrie.

“De Koninklijke Luchtmacht gelooft in de toekomst van composiet en nieuwe composiet reparatie technologieën in de nauwe samenwerking met OEM’ers, kennisinstituten en innovatieve (lokale) bedrijven. Innovatie is echter niet iets dat zomaar gebeurt”, aldus Commodore Richard Laurijssen Commandant Logistiek Centrum Woensdrecht. “Er moet toewijding en vertrouwen zijn tussen de partijen om tot innovatieve ideeën te komen en deze ideeën toe te passen. Ondersteuning van het DCMC zal dit platform een boost geven en zal leiden tot nieuwe reparatie-, revisie- en onderhoudsmethoden die in de toekomst onze Luchtmacht kunnen ondersteunen om adaptiever, flexibeler en kostenefficiënter te zijn.

Fieldlab
Het Development Centre for Maintenance of Composites richt zich op de ontwikkeling van nieuwe Maintenance, Repair and Overhaul producten, processen en diensten voor composiet constructies. Door het bij elkaar brengen van de kennis, capaciteiten en infrastructuur ontstaat er een brug tussen fundamenteel onderzoek uitgevoerd bij instituten en toegepaste technologie ontwikkeld door bedrijven. Projecten die door het DCMC worden geleid of uitgevoerd, worden per geval beoordeeld en uitgevoerd in nauwe samenwerking met klanten en hebben een Technology Readiness Level (TLR) tussen 4 en 6/7.

Met de OPZuid-financiering kan een test-, ontwikkeling- en trainingcentrum worden opgezet in de vorm van een Field Lab op het Business Park Aviolanda, grenzend aan de Koninklijke Luchtmacht basis Woensdrecht. In dit nieuwe Fieldlab zullen bedrijven en kennisinstituten samenwerken in innovatieve programma’s die (onder andere) geautomatiseerde reparaties van composieten en geavanceerde inspectietechnieken omvatten.

Internationaal onderhoudscentrum
De ambitie van het DCMC is om een internationale toonaangevende en onafhankelijke autoriteit te worden die innovaties op het gebied van Maintenance, Repair and Overhaul van composietconstructies initieert en ondersteunt. Dit gebeurt door het begeleiden van verschillende (inter)nationale innovatie projecten en het uitvoeren van onderzoek en ontwikkelprogramma’s geïnitieerd door DCMC-leden. Het cluster zal een impuls geven aan het creëren van banen en de consolidatie van Woensdrecht als internationaal onderhoudscentrum voor aerospace in Europa.

Gedeputeerde van de Provincie Noord-Brabant, Bert Pauli: ‘Defensie, bedrijfsleven en kennisinstellingen in West-Brabant werken sinds een paar jaar samen aan het vergroten van onderhoudskennis en -vaardigheden. Zij hebben, gesteund door lokale en regionale overheden, een flinke impuls gegeven aan de bedrijvigheid en innovatiekracht op dit gebied. Het kenniscentrum voor onderhoud van composieten is een belangrijke toevoeging. Het maakt de regio nog aantrekkelijker voor potentiele samenwerkingspartners en bedrijven die zich hier willen vestigen vanuit Nederland of het buitenland.’

De organisatie van het DCMC wordt een samenwerking tussen de eerste- en tweedelijns bedrijven, OEM’ers en kennisinstituten, zowel uit Nederland als daarbuiten. In eerste instantie zal de organisatie zich richten op de aerospace markt, maar tijdens de implementatie zullen spin-offs en spill-overs naar andere markten plaatsvinden.

Burgemeester van Woensdrecht Steven Adriaansen: ‘De vestiging van een kenniscentrum op gebied van composieten is wederom een belangrijke mijlpaal voor de doorontwikkeling van Aviolanda Aerospace. Het versterkt het profiel van Woensdrecht en de regio als gaat om vliegtuigonderhoud.’

Deelnemers in het OPZuid-project
De partners van DCMC zijn de oprichters GKN-Fokker, NLR, Airborne en TU-Delft ondersteund door Tiat Europa, Damen Shipbuilding, BOM, Dutch Terahertz Inspection Service en REWIN West-Brabant.

Achtergrond organisaties
Fokker Services: dit is een geïntegreerde, kennisintensieve dienstverlenende organisatie die samenwerkt met fabrikanten, eigenaren en exploitanten van vliegtuigen in de voortdurend competitieve exploitatie van hun vloot door de technische betrouwbaarheid van de verzending en passagierscomfort te verhogen terwijl de directe operationele kosten worden verlaagd. Fokker Services BV is een bedrijf van Fokker Technologies Holding.
www.fokker.com

NLR: Het Nederlandse Aerospace Centrum NLR is het centrale instituut voor aerospace onderzoek in Nederland. NLR is een onafhankelijke non-profit organisatie en één van de Nederlandse grote technologische instituten die een groot deel van het toegepaste onderzoek uitvoeren, ieder binnen het eigen specifieke technologische veld.
www.nlr.nl

Airborne Services: Airborne is een bedrijf gespecialiseerd in het ontwerpen, produceren en onderhouden van composiet constructies. De groep heeft rond de 250 medewerker en heeft faciliteiten in Nederland en Spanje. The deelnemende bedrijfseenheid is een EASA Part 145 goedgekeurde en MAA-NLD A-145 erkende onderhoudsorganisatie en FAA 14 CFR Part 145 Repair Station. Airborne specialisten voeren onderhoud en reparaties uit op composietconstructies, met een specialisatie op het gebied van rotorbladen voor militaire en civiele helikopters.
www.airborne.com/services

TU-Delft: De faculteit Lucht- en Ruimtevaarttechniek van de Technische Universiteit Delft is een van ’s werelds grootste faculteiten die volledig gewijd is aan aerospace engineering. Het is het enige onderzoeks- en onderwijsinstituut in Nederland dat direct verbonden is aan de aerospace engineering sector. Het bestrijkt het hele spectrum van aerospace engineering onderwerpen en onderzoekt belangrijke gerelateerde gebieden zoals wind energie. De faculteit telt rond de 2,500 BSc en MSc studenten, 214 PhD kandidaten en 27 professoren ondersteund door wetenschappelijk personeel.
http://www.ae.tudelft.nl/

Voor meer informatie over het project:
Rob Bosgraaf. rob.bosgraaf@fokker.com