Algemeen

Mag binnen Crossroads 2 subsidie gestapeld worden op een vroege-fase financiering VFF (wat een lening is)?

Doordat de lening wellicht niet hoeft te worden terugbetaald, wordt de lening vanuit staatssteunregels gezien als een subsidie, als steun. Dit betekent, kijkend naar de tekst in de subsidieregeling Crossroads 2:

De eigen bijdrage dient volledig door de begunstigden te worden betaald, er mag geen sprake zijn van aanvullende subsidies naast de bijdrage vanuit CrossRoads 2 (EFRO middelen).

Dat de (VVF) lening niet samen gestapeld kan worden met Crossroads 2 subsidie. Omdat de lening dus wordt gezien als subsidie.

Is het voor een haalbaarheidsonderzoek mogelijk dat een externe partij die het haalbaarheidsonderzoek uitvoert, later ook als projectpartner in een innovatieproject deelneemt?

Dit is inderdaad mogelijk, een (externe) partij kan zowel een haalbaarheidsonderzoek uitvoeren als (daarna) in een/het innovatieproject als projectpartner mee participeren.

Op welk moment mag je starten met het project? Na indiening?

Je mag met het project starten na de datum van de indiening aanvraag. Kosten zijn subsidiabel na de datum van indiening van de aanvraag.

Dienen belastingen betaald te worden door de PPL’s op INTERREG VL-NL steun?

Dat is een vraag die vanuit Nederland met “nee” kan worden beantwoord. Over subsidie worden in NL geen belastingen geheven.

Vanuit België is er geen volledige vrijstelling van subsidies. De overheidssubsidies worden binnen de resultatenrekening normaliter als opbrengst geboekt. In de vennootschapsbelasting wordt dus in principe elke ontvangen subsidie belast in het resultaat. Er zijn een aantal vrijstellingen, zoals bv vlaio subsidies, maar INTERREG valt hier niet onder.

De KMO bekijkt best met hun boekhouder hoe ze de subsidies dienen te boeken in relatie tot hun belastingaangifte.

Kan een onderaannemer binnen een innovatieproject zijn offerte en factuur splitsen over de verschillende PPLs?

Ja, dat mag. Het is ook wel zo eerlijk als de kosten van een bepaalde onderaannemer verdeeld worden over de PPL’s. Let dan wel op dat vooraf in het contract duidelijk afspraken worden gemaakt, anders kan achteraf van een auditor het verwijt komen dat er opportunistisch is gefactureerd.

Wat is de officiële startdatum van CrossRoads2?

PPL projecten mogen starten na indiening van de aanvraag, dit is wel voor eigen rekening en risico. Als de aanvraag wordt afgewezen kunnen ze niets reclameren. Daarbij is het verstandiger om te wachten tot er een overeenkomst is opgesteld tussen het project en CrossRoads2, omdat een project maximaal dan binnen zes maanden (Haalbaarheid), dan wel twee jaar (innovatieproject) na het tekenen van de overeenkomst moet zijn beëindigd.

Waar dienen deelnemers gevestigd te zijn om in aanmerking te komen voor Crossroads 2 subsidie voor een innovatieproject?

Conform artikel 7, lid 1, sub c van de subsidieregeling Crossroads 2 dient minimaal 1 KMO/MKB in Vlaanderen gevestigd te zijn en minimaal 1 KMO/MKB in Zuid-Nederland bij het uitvoeren van een innovatieproject. Onder Zuid-Nederland worden de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg verstaan. Een samenwerking tussen een onderneming uit Rotterdam en een onderneming uit Vlaanderen voldoet bijvoorbeeld niet aan de regeling, omdat er geen onderneming uit Zuid-Nederland deelneemt.

Op welke sectoren richt CrossRoads2 zich?

De regeling richt zich op draagt bij aan het vernieuwen en versterken van het innovatie- en concurrentievermogen en verduurzaming van één of meer van de slimme specialisatie-sectoren of crossovers tussen twee of meer van de slimme specialisatie-sectoren.

  1. High tech systemen
  2. Chemie en materialen
  3. Agrofood
  4. Life sciences & health
  5. Cleantech
  6. Biobased economy
  7. Logistiek
  8. Maintenance

Projectaanvraag

Kan een Nederlandse BV of een Belgische BVBA een haalbaarheidsstudie laten uitvoeren door een organisatie die buiten het programmagebied is gevestigd?

Nee, volgens artikel 6, lid 1, sub b 6 van de subsidieregeling CrossRoads2 is het een vereiste dat indien een Vlaamse partij aanvraagt, de leverancier uit het Zuid-Nederlandse deel van het programmagebied komt. Onder Zuid-Nederland worden de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg verstaan. Indien een Zuid-Nederlandse partij aanvraagt dient de leverancier gevestigd te zijn in Vlaanderen.

 

In ‘Programmareglement voor de uitvoering van het Samenwerkingsprogramma Interreg Vlaanderen’ op blz. 32 staat een toelichting over het specifiek standaarduurtarief voor eigenaars van KMO/MKB. Voor uren gepresteerd in de periode 2014-2017 bedraagt dat specifieke standaarduurtarief voor Nederland: 33,92 euro.

Nee, dat gaat helaas niet. Deze wijziging is pas recentelijk doorgevoerd en in de subsidieregeling CrossRoads2 hebben wij deze optie niet opgenomen.

Als een directeur via een verbonden BV in de holding verbonden is, kunnen we de loonkosten (bv. SUF 1,2%) dan voor die verbonden holding berekenen? Of geldt dit alleen voor mensen op de loonlijst binnen de BV die aan vraagt (en moeten die verbonden BVs dus mee in de aanvraag)?

Het Programmareglement stelt dat:

Personeelsleden van “verbonden ondernemingen” kunnen onder bepaalde voorwaarden als personeelskosten worden gedeclareerd, ondanks het feit dat de loonfiche een werkgever vermeldt die niet identiek is aan de partner die declareert. Voorwaarden zijn dat er voldoende argumenten en bewijsstukken zijn van de verbondenheid of eenheid. Dit wordt ad hoc beoordeeld en vastgesteld door de managementautoriteit.

Dus loonkosten van verbonden ondernemingen kunnen meegenomen worden als standaarduurtarief (SUT ), ze dienen natuurlijk daar ook verloond te worden en specifiek uren voor het project schrijven. Bij geen verloning kunnen deze kosten niet mee worden genomen.

Als ik in de vorige call een aanvraag heb ingediend, is het dan de bedoeling dat ik opnieuw alle bijlagen bijvoeg?

Ja, dat is het geval. Ook alle bijlagen dienen bijgevoegd te worden. Omdat het hier gaat om een tender-systematiek, wordt de tweede call volledig los gezien van de eerste call. Aanvragen zijn ook afgewezen, bijvoorbeeld omdat ze niet volledig waren binnen het toen ingediende subsidie plafond. Aanvragers zullen nu indienen onder een nieuw subsidieplafond. Dit betekent dus ook dat zij opnieuw moeten indienen, inclusief alle onderliggende stukken .

Hoe streng wordt er om gegaan met het aantal pagina’s in bijlage F?

Dit is een (strenge) richtlijn om te voorkomen dat er allemaal boekwerken worden ingediend. Maar als je alleen voor het onderdeel projectactiviteiten, één of twee pagina’s extra nodig hebt, dan is dat geen probleem

Ik heb een Vlaamse KMO die binnen CrossRoads graag wil samenwerken met een bedrijf dat na overname van de Nederlandse onderneming Delta Industriële Reiniging nu een vestiging in Nederland heeft. Geldt dit dan als Nederlands MKB bedrijf? Of dient de hoofdzetel in NL te liggen?

De regeling stelt:
Een innovatieproject wordt uitgevoerd door een samenwerkingsverband van partijen, waarin minimaal:

  • één MKB/KMO gevestigd in het Zuid-Nederlandse deel van de Regio, en
  • één MKB/KMO gevestigd in het Vlaamse deel van de Regio;

Eventuele overige MKB partijen mogen van buiten de Regio komen.

Dit houdt dus in, dat één van de aanvragende projectpartners gevestigd is c.q. een vestigingsadres in NL heeft.

Hoe wordt er om gegaan met de WBSO “Wet Bevordering Speur- & Ontwikkelingswerk” (NL) en “Vrijstelling doorstorting van bedrijfsvoorheffing” (BE), dienen deze in mindering te worden gebracht?

Met de “WBSO” (NL) en “Vrijstelling doorstorting van bedrijfsvoorheffing” (BE) hoeft geen rekening te worden gehouden voor deze subsidieregeling. Deze hoeven derhalve niet in mindering gebracht te worden op de subsidiabele projectkosten, zowel voor de loonkosten als factuurkosten.

Ik zag in het programmareglement de regels voor standaarduurtarieven en dat forfaire tarief. Maar ik kon niets vinden over DGA’s van bedrijven die geen loon ontvangen. Of bijvoorbeeld eigenaren van eenmanszaken die niet op de loonlijst staan. Hoe daarmee om te springen?

De loonkosten hebben uitsluitend betrekking op kosten van medewerkers in loondienst van de begunstigde(n). Zie hiervoor de toelichting op artikel 8, lid 2, sub a in de Subsidieregeling Crossroads2. Personeelsleden van “verbonden ondernemingen” kunnen echter onder bepaalde voorwaarden als personeelskosten worden gedeclareerd, ondanks het feit dat de loonfiche een werkgever vermeldt die niet identiek is aan de partner die declareert. Indien een DGA in loondienst is bij een bovenliggende/gelieerde holding is het mogelijk dat de loonkosten van de DGA berekend worden op basis van het salaris dat de DGA ontvangt in deze bovenliggende/gelieerde holding. Voorwaarde is dat er voldoende argumenten en bewijsstukken zijn van de verbondenheid of eenheid.

Wat betreft eenmanszaken: het Interreg VA programma Vlaanderen-Nederland heeft bepaald dat alleen rechtspersonen voor subsidie in aanmerking komen. In feite heeft de eenmanszaak heeft geen rechtspersoonlijkheid, het is een economische activiteit van de natuurlijke persoon die de onderneming drijft. Doordat een eenmanszaak geen rechtspersoonlijkheid heeft kan een eenmanszaak binnen Crossroads 2 geen subsidie aanvragen.

Kan een onderwijsinstelling zoals een universiteit of hogeschool subsidie ontvangen vanuit Crossroads 2?

Nee, enkel MKB/KMO ondernemingen kunnen subsidie ontvangen vanuit Crossroads 2. Wel kan een onderwijsinstelling deelnemen in een Crossroads 2 project, maar deze ontvangt in dit geval geen subsidie.

Wat is het moment van toetsing of een aanvragende onderneming valt onder de MKB definitie?

Wanneer Stimulus vaststelt dat op de datum van de afsluiting van de rekeningen de gegevens (werkzame personen, omzet, balanstotaal) van een onderneming boven de drempels liggen verliest deze onderneming de status van MKB slechts wanneer deze situatie zich in twee opeenvolgende jaren voordoet. Bij recent opgerichte ondernemingen waarvan de 1e jaarrekening nog niet is afgesloten worden de gegevens bepaald aan een in de loop van het jaar gemaakte schatting.

Voorbeeld  1
Definitieve aanvraag: 31-3-2016. Afsluiting van de rekeningen over 2015 = 28-2-2016  (dus uitbrengen jaarrekening)
Jaar 2015 is dus uitgangspunt
Volgens de toets waren ze in 2015 MKB. Dus akkoord.

Voorbeeld 2
Definitieve aanvraag: 31-3-2016. Afsluiting van de rekeningen  over 2015 = 28-2-2016  (dus uitbrengen jaarrekening).
Jaar 2015 is dus uitgangspunt
Volgens de toets waren ze in 2015 GEEN MKB. We dienen nu over 2014 te toetsen of het MKB was.
Wel MKB over  2014 =  akkoord.
Niet MKB over 2014 = niet akkoord en project kan geen doorgang vinden

De status van MKB wordt alleen bij de aanvraag van subsidie getoetst. Wanneer de status van MKB na de toekenning van de subsidie wijzigt heeft dit geen gevolgen voor de toegekende subsidie.

MKB definitie: Volgens de definitie van de Europese Commissie, heeft een MKB/KMO-onderneming minder dan 250 werknemers en bedraagt de jaaromzet minder dan 50 miljoen Euro of het balanstotaal minder dan 43 miljoen Euro.

Mogen twee verbonden ondernemingen subsidie ontvangen vanuit Crossroads 2 voor een innovatieproject? Met verbonden onderneming wordt bijvoorbeeld een gemeenschappelijke moederholding of een gemeenschappelijke aandeelhouder bedoeld.

Om in aanmerking te komen voor subsidie vanuit Crossroads 2 dient in bovenstaand geval sprake te zijn van twee zelfstandige ondernemingen.  Onderstaande definities beschrijven wat een zelfstandige onderneming is.

  • Je  bent volledig onafhankelijk, d.w.z. je hebt geen participatie in andere ondernemingen en geen andere onderneming heeft een participatie in die van jou;
  • Je bezit minder dan 25 % van het kapitaal of de stemrechten (het hoogste cijfer telt) van een of meer ondernemingen  en/of andere ondernemingen bezitten niet meer dan 25 % van het kapitaal of de stemrechten (het hoogste cijfer telt) van jouw onderneming.

Bovenstaande cijfers gelden zowel upstream en/of downstream, dit betekent dat ondernemingen via een holding cq moedermaatschappij ook verbonden (kunnen) zijn.

Valt subsidie uit Crossroads2 onder de de-minimis Verordening?

Nee, subsidie uit Crossroads 2 valt onder de Algemene Groeps Vrijstellings Verordening (AGVV). Binnen Crossroads 2 wordt geen gebruik gemaakt van de-minimis Verordening. Subsidie vanuit CrossRoads 2 hoeft dus niet te worden meegenomen voor een eventuele overige de-minimis verklaring.

Mag ik voor mijn project ook meerdere subsidies ontvangen?

Nee, dat mag niet. Naast de subsidie van CrossRoads2 mag u geen andere subsidies ontvangen voor uw project. De projectkosten moeten volledig gedekt worden uit de CrossRoads2-bijdrage en eigen middelen.

Stel: Een Belgische onderneming wil een product ontwikkelen samen met een Nederlandse partij, maar Nederlandse partij is ook aandeelhouder van deze Belgische onderneming. Mogen zij samen een project indienen binnen CrossRoads en is er een maximum gesteld m.b.t. het % aandelen?

Ja, mits beide partijen zelfstandige ondernemingen zijn.

Toelichting:
In de Subsidieregeling onder artikel 7 (subsidievereisten innovatieproject) is opgenomen:
Het innovatieproject wordt uitgevoerd door een samenwerkingsverband van partijen, waarin minimaal:

  • Één MKB/KMO gevestigd in het Zuid-Nederlandse deel van de Regio, en
  • Één MKB/KMO gevestigd in het Vlaamse deel van de Regio;
    Met partijen wordt bedoeld: minimaal twee zelfstandige ondernemingen (één uit de regio Zuid-Nederland en één uit de regio Vlaanderen).

Definitie van een zelfstandige onderneming :

  • Je  bent volledig onafhankelijk, d.w.z. je hebt geen participatie in andere ondernemingen en geen andere onderneming heeft een participatie in die van jou;
  • Je bezit minder dan 25 % van het kapitaal of de stemrechten (het hoogste cijfer telt) van een of meer ondernemingen  en/of andere ondernemingen bezitten niet meer dan 25 % van het kapitaal of de stemrechten (het hoogste cijfer telt) van jouw onderneming.

Deze gestelde regels gelden zowel upstream en/of downstream, dit betekent dat ondernemingen via een holding c.q. moedermaatschappij ook verbonden (kunnen) zijn.

Is samenwerking met een KMO/MKB’ er van over de grens vereist?

Dit geldt niet voor haalbaarheidsstudies, maar wel voor innovatieprojecten. Voor haalbaarheidsstudies geldt dat sprake moet zijn van grensoverschrijdende meerwaarde. Dit dient te worden beschreven in het projectplan.

Voor subsidie voor haalbaarheidsstudies kunt u zich zelfstandig inschrijven. Wel dient uw innovatie in potentie een grensoverschrijdende meerwaarde voor het programmagebied te hebben. Tevens dient het haalbaarheidsstudie als een opmaat voor een innovatieproject. Ook dit dient te worden beschreven in het projectplan.

Voor de aanvraag van subsidie voor innovatieprojecten is samenwerking vereist en kunt u derhalve dus niet als individueel bedrijf aanvragen. Ook moet het gaan om een substantiële inzet van iedere partij in een consortium. Een individuele deelnemer mag namelijk nooit meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor rekening nemen.

Wat zijn de criteria waarop haalbaarheidsstudies worden getoetst?
  • Competenties van de uitvoerder(s)
  • Grensoverschrijdende meerwaarde
  • Mate van innovativiteit
  • Bijdrage aan concurrentiepositie van de aanvrager(s)
Wat zijn de criteria waarop innovatieprojecten worden getoetst?
  • Competenties van de uitvoerders
  • Economische impact van het project
  • Grensoverschrijdende meerwaarde
  • Mate van innovativiteit
  • Kwaliteit van het projectplan
Is er een minimum aantal punten vereist ten aanzien van de toetsingscriteria?

Ja, volgens artikel 14 en 15 van de “Subsidieregeling CrossRoads2” wordt per criterium 0 tot 5 punten toegekend. Om voor subsidie in aanmerking te komen, dient een project:

  1. minimaal de helft van het maximaal aantal punten te behalen, en
  2. op ieder criterium minimaal ten minste één punt te behalen.
Wie bepaalt de score van ingediende projectvoorstellen?

Alle ingediende projectvoorstellen worden eerst op volledigheid getoetst door Stimulus Programmamanagement. Stichting CrossRoads2 zal vervolgens beoordelen of de aanvraag voldoet aan de minimale vereisten. Daarna zal een onafhankelijke Raad van Advies de projectvoorstellen beoordelen en op puntental rangschikken. De genoemde criteria zijn daartoe het uitgangspunt. Op basis van het advies van de Raad van Advies zal Stichting CrossRoads2 de beschikbare subsidie binnen het subsidieplafond verdelen nadat Stimulus Programmamanagement een financieel technische toets heeft uitgevoerd, te beginnen met het hoogst gerangschikte project.

Mag ik meerdere keren indienen?

Ja, u kunt vooraf aan een innovatieproject eerst aanvraag indienen voor een haalbaarheidsstudie. Ook kunt u een innovatieproject dat is afgewezen omdat het subsidieplafond voor die periode was overschreden, in een volgend tijdvak opnieuw indienen. Ten slotte is het ook mogelijk om als individueel bedrijf te participeren in meerdere projectvoorstellen.

Welke administratieve vereisten kan ik verwachten?

Subsidie in het kader van Interreg staat bekend om de wat zwaardere administratieve lasten. Op hoofdlijnen dient u tijdens de projectperiode een A3-formaat projectposter op een zichtbare plaats in uw kantoor/projectlocatie op te hangen. Tevens wordt van u verwacht dat u tijdens de projectduur, elke vier maanden uw voortgang rapporteert en als afsluiting een eindrapportage aanlevert. Ook dient u ten minste drie maal per jaar uw projectkosten op te voeren, omdat deze kosten (facturen en uren) binnen 6 maanden na betaling of gemaakte uren bij Interreg moeten zijn gedeclareerd, anders zijn deze niet meer subsidiabel. Op de website van Interreg Vlaanderen-Nederland wordt precies beschreven aan welke vereisten u dient te voldoen.

De ingediende kosten en uren worden geverifieerd door een tweetal accountantscontroles geïnitieerd vanuit Interreg. Stimulus Programmamanagement zal daarom namens Stichting CrossRoads een vraagbaak functie vervullen voor vragen over subsidiabele kosten en projectadministratie. Dit om te voorkomen dat u de subsidie niet krijgt of terug moet terugbetalen.

Hoe worden de personele kosten berekend?

De berekening van de directe personeelskosten is op basis van het standaarduurtarief (SUT). De toepassing van het SUT situeert zich op projectpartnerniveau.

Standaarduurtarief

Personeelskosten worden berekend door de reëel gepresteerde en betaalde uren in het kader van het project te vermenigvuldigen met het standaarduurtarief (SUT) van de betreffende werknemer. Uitgangspunt voor de berekening van het SUT is het bruto maandsalaris van de maand januari (dan wel de eerste volledige maand na indiensttreding) van het kalenderjaar waarin de uren worden gemaakt. Hierop wordt vervolgens een coëfficiënt van 1,2% toegepast. Het betreffende standaarduurtarief geldt vervolgens voor het gehele kalenderjaar.
Voorbeeld: het bruto maandsalaris is € 3.000, SUT van deze persoon is € 3.000 x 1,2% =  €36 per uur. Zie ook Rekentool.

Overhead

Indirecte kosten gerelateerd aan het functioneren van de projectmedewerker. Overheadkosten mogen enkel opgenomen worden in het kostenplan wanneer kosten voorzien zijn in de rubriek “personeel”. Overheadkosten worden steeds berekend als een forfaitair percentage van 15% van de subsidiabele directe personeelskosten. De overhead is geen onderdeel van het SUT en wordt bij het declareren van de personeelskosten in het e-loket automatisch over deze kosten berekend.

Zie ook het Programmareglement 1.2 (pagina 30 t/m 32) voor nadere toelichting en berekeningswijze betreffende de personeels- of overheadkosten of neem contact hierover op met Stimulus Programmamanagement.

Projectbeheer

Krijg ik een voorschot op de subsidie?

De regeling voorziet niet in het verstrekken van voorschotten. Om deze reden kunt u vaker, namelijk drie maal per jaar, uw projectkosten declareren. De declaraties worden bij het Interreg programmasecretariaat ingediend. Op basis van goedgekeurde declaraties, ontvangt u de subsidie voor die declaratie. De Stichting CrossRoads2 dient namens de projecten declaraties in en betaalt subsidiegelden voor de projecten direct en integraal door na ontvangst.