De Europese Commissie heeft  het OPZuid – Europees Innovatieprogramma voor Zuid-Nederland definitief goedgekeurd. Eerder dit jaar hebben de provincies Noord-Brabant, Limburg en Zeeland samen met het Rijk een programmavoorstel  ingediend bij het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Met de goedkeuring is zekerheid verkregen dat Europa voor de periode 2014-2020 een budget van 113 miljoen euro beschikbaar stelt voor innovatiebevordering en de overgang naar een koolstofarme economie in Zuid-Nederland.

Concurrentiepositie versterken

Met het OPZuid wil Zuid-Nederland haar regionale concurrentiepositie verder versterken. Hierbij sluit Zuid-Nederland aan op grote maatschappelijke vraagstukken  waar Europa voor staat. Uitdagingen die vragen om innovatieve oplossingen, zijn ondermeer: voedselzekerheid, vergrijzing en gezondheid, klimaatverandering, schone en efficiënte energie en beschikbaarheid van grondstoffen. De basis voor het OPZuid is de Regionale Innovatie Strategie voor Slimme Specialisatie (RIS3) waarin de doelstellingen van Europa zijn vertaald naar regionale maatschappelijke uitdagingen en focus is aangebracht op een aantal sterke clusters met concurrentiekracht: high tech systemen, chemie, agrofood, lifesciences & health, biobased, logistiek en maintenance.

Cofinanciering 

Voorwaarde voor de Europese subsidie is dat provincies, het Rijk en het bedrijfsleven ook bijdragen aan het programma. Dit betekent dat  naar verwachting voor de jaren 2014-2020 in Zuid-Nederland in totaal 321 euro miljoen geïnvesteerd wordt in innovatiebevordering en de overgang naar een koolstofarme economie.

Samenwerking

Nu Brussel het programma heeft goedgekeurd, kan de laatste hand worden gelegd aan  juridische en technische aspecten van de subsidieregeling. Naar verwachting kan het programma in april 2015 van start gaan. Projectaanvragen kunnen worden ingediend door MKB-bedrijven en kennisinstellingen in Zuid-Nederland die behoren tot de zeven topclusters. Daarbij wordt grote waarde gehecht aan samenwerking tussen bedrijven onderling en tussen bedrijven, kennis- en onderzoeksinstellingen en overheden. Gemeenten, waterschappen en intermediare organisaties kunnen een ondersteunende rol vervullen, waarmee ook zij kunnen optreden als aanvrager.

Relevante documenten: