Energy Campus bouwt aan een toekomstbestendig Zeeland

De energietransitie vraagt om nieuwe kennis, nieuwe technologie én vooral nieuwe vakmensen. Met de Energy Campus werkt Zeeland aan die toekomst. Door onderwijs, onderzoek en bedrijfsleven samen te brengen, ontstaat een plek waar talent wordt opgeleid voor de uitdagingen van morgen. Antoine Derksen en Annelise de Smet vertellen hoe het project bijdraagt aan een sterk Zeeland. 

Voor Antoine Derksen, programmamanager bij mbo-instelling Scalda, gaat de Energy Campus niet alleen over techniek: “Het allerbelangrijkste is voor mij de kwaliteit van de leefbaarheid in Zeeland. Er moet werk zijn, de omgeving moet aantrekkelijk zijn en jonge mensen moeten hier graag willen blijven wonen en werken.”  

Dat is precies het doel van de Energy Campus. Het project brengt onderwijs, onderzoek en bedrijfsleven samen om Zeeland voor te bereiden op de energietransitie. Daarbij draait het niet alleen om nieuwe technologieën, maar vooral om de mensen die deze veranderingen mogelijk maken. 

Een belangrijk onderdeel van de Energy Campus is een leven lang ontwikkelen (LLO). Het project richt zich niet alleen op studenten, maar ook op mensen die zich willen omscholen of bijscholen. “Denk bijvoorbeeld aan een banketbakker die toe is aan een nieuwe uitdaging en uiteindelijk als monteur bij een netbeheerder aan de slag gaat,” vertelt projectleider Annelise de Smet. 

De energietransitie vraagt om veel vakmensen 

Zeeland staat voor een bijzondere opgave. De provincie heeft te maken met bevolkingskrimp, terwijl de vraag naar technisch personeel juist groeit. Tegelijkertijd spelen er veel ontwikkelingen op het gebied van duurzame energie.  

Zo komt windenergie van zee in Zeeland aan land, staat in Borssele de enige kerncentrale van Nederland en wordt er volop gewerkt aan waterstof. Daarnaast moet het elektriciteitsnet worden uitgebreid om al deze nieuwe energiebronnen op aan te sluiten. 

“Zeeland kent daarbij nog een extra uitdaging. Door de vele waterwegen is het niet eenvoudig om kabels door de hele provincie aan te leggen. Al deze ontwikkelingen vragen om veel extra vakmensen Dan kom je uit op een veel grotere vraag dan het aantal mensen dat we überhaupt kunnen opleiden,” vertelt Antoine Derksen. Precies aan deze uitdaging werkt het project Energy Campus.  

Leren in een levensechte omgeving 

Om studenten goed voor te bereiden, gebruikt Scalda een innovatieve leeromgeving: de immersive classroom. Dat is een interactieve ruimte waarin studenten kunnen oefenen in een levensechte, digitale omgeving.  

“Eigenlijk heb je geen muren met behang, maar muren die de werkelijkheid laten zien,” legt Derksen uit. “Dit biedt grote voordelen. Je kunt een hoogspanningsstation namelijk niet even uitzetten. Dan zit heel Zeeland zonder stroom. In deze omgeving kunnen studenten veilig leren en experimenteren.” 

 Het project heeft onder andere voor deze leeromgeving een Europese JTF-subsidie gekregen: “We hebben een aantal forse investeringen kunnen doen dankzij de JTF-subsidie, waaronder deze leeromgeving.” 

De technologie blijkt ook buiten het onderwijs waardevol. Organisaties gebruiken de ruimte om complexe vraagstukken zichtbaar te maken en verschillende scenario’s te verkennen. “Daar word ik wel blij van als je ziet dat het werkt,” vertelt Derksen. “Dat partijen van buitenaf komen met de vraag of wij iets kunnen visualiseren omdat zij er zelf mee aan de slag willen.” 

Samenwerking als kracht 

Zeeland is relatief klein en daardoor weten onderwijsinstellingen, bedrijven en overheden elkaar snel te vinden. Derksen: “Het besef dat we elkaar nodig hebben is hier groot. Daardoor verloopt samenwerken vaak makkelijker.” 

Die samenwerking zorgt ervoor dat nieuwe kennis snel terechtkomt in het onderwijs en in de praktijk. Bedrijven kunnen bovendien direct aangeven welke kennis en vaardigheden zij nodig hebben. Zo sluiten opleidingen beter aan op de ontwikkelingen in de regio. 

Ook de Europese JTF-subsidie heeft hieraan bijgedragen: “Dankzij deze regeling konden we sneller innoveren, investeren in moderne leermiddelen en de samenwerking versterken. JTF heeft echt bijgedragen aan de regio.” 

Investeren in de toekomst 

Voor de betrokkenen gaat het uiteindelijk om meer dan de energietransitie alleen. Het project moet bijdragen aan een Zeeland waarin toekomstige generaties kunnen blijven wonen, werken en groeien. 

Annelise de Smet: “Over tien of twintig jaar moeten onze kinderen ook gewoon fijn in Zeeland kunnen wonen en werken op een goede manier,” vertelt ze. “Het is mooi als je daar een bijdrage aan kunt leveren.” 

De initiatiefnemers zien de Energy Campus daarom niet als een eindpunt, maar als een begin. De energietransitie zal de komende jaren blijven veranderen en nieuwe vragen oproepen. 

“Dit is misschien wel het begin van de puzzel,” zegt de Smet. “Maar er gaan nog heel veel stukjes volgen die ook ingevuld moeten worden.”